Bodembedekking

Het is belangrijk dat u de juiste bodembedekking kiest voor uw huisdier. Bodembedekking vangt urine en uitwerpselen op en zorgt ook voor een zachte en warme bodem. Om vocht te kunnen opvangen moet een goede bodembedekking een hoog absorberend vermogen hebben. Wij adviseren om onder de laag bodembedekking, hout- of maïskorrels neer te leggen. Deze korrels zuigen als het ware de urine op waardoor een vieze geur langer weg blijft. Bovenop deze korrels kunt u de andere gewenste bodembedekking leggen. Voor veel dieren (en eigenaren) is het stof dat sommige bodembedekking met zich meebrengt een probleem. Onder andere ratten hebben hier veel last van, in ernstige gevallen krijgen de dieren er zelfs bloedneuzen van. Kies daarom bewust voor een bodembedekking met weinig of geen stof. Er zijn verschillende soorten bodembedekking. Van stro en houtsnippers tot katoen. Binnen wordt katoen veel gebruikt omdat dit het minste stof bevat, langer mee gaat (geur) en lekker zacht is. Buiten daarentegen adviseren wij stro. Stro isoleert goed. Hierdoor geeft het zomers verkoeling en in de winter warmte. Heeft u hulp nodig bij het kiezen van bodembedekking dan kunt u altijd langskomen voor advies.

Hamsters maken graag zelf een holletje. U kunt de hamster hier speciaal nestmateriaal voor geven of zorgen voor voldoende bodembedekking om een holletje te kunnen maken zonder dat zijn hok gelijk leeg is.

Sommige dieren hebben behoefte aan zandbaden. Chinchilla's hebben bijvoorbeeld een hekel aan water. Om zich schoon te kunnen houden rollen ze in badzand. Dit zand absorbeert vet en vuil, daarnaast dient het als scrub waardoor de huid vrij wordt gemaakt van schilfers en eventueel ongedierte. Door dagelijks in dit zand te rollen houden ze hun vacht schoon en in optimale conditie. Zorg voor een mooie ruime bak met zand die u gemakkelijk in en uit het hok kan halen. Na het badderen kunt u het zand zeven zodat het weer voor de volgende dag gebruikt kan worden. Hamsters, gerbils en degoe's vinden zandbaden ook leuk. Voor deze dieren is één tot twee keer per week genoeg.